Schrijven

Schrijven is verrijzen
door het stofje van een pen
het is steeds willen vergeten
dat ik donker en binnen ben
Dat ik meer doe
dan wat stoeien in
de kringen van een vaart
die door mensen wordt verregend
en door licht geopenbaard
’s Avonds ga ik zitten
met wat letters zonder wet
word ik vrij een blad
te kleden
als ik woorden op ze zet.

De schepping (2)

De aarde was cirkel
of toch ongeveer,
doods en nog kraaknet,
onstuimig en teer.

Het einde, de tunnel,
een bries stoof er uit,
de lampen, de wolken,
het licht tot besluit.

Er ontspon zich een bodem,
plaveisel, moeras,
drijfzand, riolen,
steentjes, een plas.

Ge-dag en ge-nacht,
gescheur en gewelf,
de zon ging er onder,
de maan bleef vanzelf.

De aarde werd ronder,
of toch ongeveer,
doods en nog kraaknet
maar stil zondermeer

Naar Ed Hoornik “Tot de doden”

Ik ben nu onbereikbaar
maak niet langer een punt
verder dwaal ik van uw wegen af
uit niks slaat mijn geest nog munt

Straten dragen mijn namen
steeds minder en minder in stand
vergeten, verguisd of vervangen
onhelder weerklinkt
het verband

Mijn verleden werd er gewist
zonder niks is wat ik word
voel ik als een kind mij hoort
niet langer aan als een tekort.