Nieuw Lied

Een hand trekt je,
plooit zich mee met
de andere stukken
van je lichaam,
want zo voel je je:
in stukken.

Eens de pijp uit, het hol, de klemming,
naaien mensen jou ineen
met tranen, vuisten,
een goed boek.

In de verte
klinkt een lied
je rug rijpt recht,
je blik gaat open
je zingt in de richting
van haar ritme.

Haar Rijk kome

Rijk kome

Haar Rijk kome,
niet vanzelf maar
in kolkig gemoei van cyclonen,
taal die splijt de hoogste tonen,
die spant een tuig aan
het snelste paard, die ruw
en onvervaard het land
bespringt,
haar keel ontsluit
haar nieuwe lied zingt over
spankracht, ruimte, leven,
over waar de nood
aan passie begint.

Met jou

Met jou de stad en
haar woud van vlees en
beroerde stapstenen.
Met jou de nachten, wat langer eens,
dan weer te kort van zoveel stof.
Met jou mijn wollen trui en tranen,
een vloed aan rimpels waarin
je dag na dag tellen kunt.
Met jou de strijd die jaren eerst,
dan weer een zucht van enkele
noten op jouw lied, dan weer niet.
Met jou de wijn, het mout,
de dalen en het topje
van het hoogste, weg van alle
verdriet, het bereikbare schoonste,toch?
Met jou verandert alles nog.